Slechte slogans scoren wel

Slechte slogans

Midden in de zomer sloeg de komkommertijd op zijn aller hevigst toe. Er kwam een boekje uit met de slechtste reclameslogans van 2016 en bij gebrek aan echt nieuws werden die slechte slogans voor de derde keer publiekelijk aan ons voorgesteld.

Eerder was dat gebeurd in januari, toen de kandidaten voor de verkiezing van de ‘Slechtste Slogan van 2016’ werden bekendgemaakt . Later, in pakweg april gebeurde dat nog eens toen de uitslag bekend was. En nu is er dus het boekje en krijgen we opnieuw te horen hoe slecht, maar ook hoe effectief, sommige slogans zijn. De top drie van 2016 blinkt uit in meligheid. ‘Zit je Haircut’ van een kapper werd eerste, ‘Your shit is my food’ van een loodgieter tweede en ‘Tiet voor een goede BH’ derde. Slechte slogans werken wel. Je kunt er veel publiciteit mee krijgen, ook al is die publiciteit soms negatief. Dat merkte bijvoorbeeld een heibedrijf met de slogan ‘Ieder paal gaat erin’.

echt slecht

Wat ik persoonlijk jammer vind, is dat de verkiezing zich beperkt tot dit soort, door het publiek ingezonden melige of mislukte reclameleuzen. Er zijn volgens mij slechtere te vinden, namelijk foute spreuken die wél serieus bedoeld zijn. Een mooi voorbeeld vind ik de slogan van Theodoor Gielissen Private Bank: ‘Serious Money. Taken Seriously’. Het reclamebureau dat deze slogan verzon (en er zelfs een prijs mee won, in positieve zin) bedoelt te zeggen dat Theodoor Gielissen serieus omgaat met het geld van haar klanten. Maar ik versta het altijd anders. ‘Taken Seriously’ betekent letter ‘serieus genomen’. Het reclamebureau legt hierbij de klemtoon op het woordje ‘serieus’. Ik versta het altijd met de klemtoon op ‘genomen’. Als jij een serieuze som geld hebt, dan is Theodoor Gielissen niet te beroerd om dat serieus van je af te pakken, zoiets. Dát zijn pas slechte slogans!

Inspiratie

Inspiratie

Hoe doen ze dat toch, echte schrijvers? Ik zit hier op vakantie een boekje te lezen van Wim Daniëls, waarin hij onder andere fietstochten door het Brabantse land beschrijft. Het zijn mooie verhaaltjes, luchtig geschreven met de van Daniëls bekende milde humor en gelardeerd met zijn taalkundige commentaar. Maar ik vraag me af hoe hij dat doet.

Hoe onthoudt hij wat hem opvalt of invalt tijdens die fietstochten? Ik heb daar zelf namelijk veel moeite mee. In de jaren dat ik dagelijks 10 kilometer naar en van mijn werk heb moeten fietsen heb ik onderweg misschien wel duizend liedteksten, gedichten en verhaallijntjes verzonnen.  Helaas zijn die grotendeels verloren gegaan. Eenmaal aangekomen op de plaats van bestemming, mijn werk of thuis, was ik de verzonnen tekst namelijk steevast weer vergeten. Tijdens wandelingen met of zonder hond, tijdens het douchen, tijdens autoritten, overal eigenlijk waar ik niet direct iets op kon schrijven, gebeurde vaak precies hetzelfde.

met een blocnote op pad

Ik ben een tijdlang consequent met een blocnote en een pen op pad gegaan, maar alsof de duvel ermee speelde: in die periode kreeg ik geen enkel idee. Onlangs heb ik zo’n dicteerapparaatje aangeschaft, met een soortgelijk gevolg. Ik kreeg wel ideeën, maar wel steeds als ik bij de slager of de bakker stond of door een drukke winkelstraat liep. En dan ga ik echt niet in zo’n apparaatje staan praten. Mede gezien de aard van de ideeën die ik meestal krijg zou ik me kapot schamen. Of ik kreeg een inval als het wel rustig was om me heen, maar dan waren de batterijen van dat apparaatje weer leeg. Daarom moet ik toch eens aan Wim Daniëls vragen hoe hij dat doet. Nu nog onthouden dat ik dat moet vragen.

Donald Trump bestaat niet

Fake nieuws is hot tegenwoordig, om er maar eens een paar ordinaire Anglicismen tegenaan te gooien. Geen zichzelf respecterende tekstschrijver kan zich veroorloven niet op deze trend in te gaan, vandaar dit stukje fake nieuws: Donald Trump bestaat niet. Nou ja, bestaat niet. Hij is er wel, maar het is niet Donald Trump.

De man is een verzinsel van de Russische president Vladimir Poetin. Die zocht aan het eind van de jaren tachtig naar een manier om greep te krijgen op de Amerikaanse politiek. Hij besloot om zijn tuinman Donald Kozyri te laten infiltreren in het Amerikaanse zakenleven en hem langzaam te laten doorontwikkelen tot president van de Verenigde Staten. Nu staat Poetin niet alleen bekend om zijn fijnzinnigheid en sociale bewogenheid, maar ook en vooral om zijn gevoel voor humor. Om de Verenigde Staten een beetje belachelijk te maken besloot hij Kozyri behalve Engels niets te leren over de Amerikaanse cultuur en Westerse normen en waarden. Bovendien liet Poetin hem zijn haren oranje verven, zodat hij hem altijd goed kon volgen in grote massa’s mensen. Poetins plan werkte en geldt nu al als een van de beste grappen sinds de invoering van de Mammoetwet in het Nederlandse middelbare onderwijs.

Gadverdamme

Excuses voor mijn taalgebruik, maar Gadverdamme, wat kan de Nederlandse taal soms lelijk zijn! Met name het gestuntel met uit het Engels afkomstige werkwoorden leidt soms tot wanstaltige resultaten. Neem bijvoorbeeld het woord ‘upgraden’ met de vervoeging (ik) upgrade, (hij) upgradet, (ik) upgradede, (ik heb) geüpgraded.

Geüpgraded, als je dat woord ziet dan denk je toch eerder aan een Scandinavisch visgerecht dan aan het opwaarderen van een apparaat? Iets van gemarineerde guppy’s, in aluminiumfolie gegaard op een houtskoolvuur. Zoiets. Let wel, hoe het beter zou kunnen met de spelling van dergelijke woorden weet ik ook niet, ik vind ze gewoon spuuglelijk. En dat terwijl de uitspraak ervan best gewoon klinkt: ge-upgreed. Gelukkig biedt de onvolprezen website internationale-woordenboek.com (zie enkele eerdere blogs) wederom uitkomst. Een citaat: “upgraden (derde persoon enkelvoud tegenwoordige upgrades, onvoltooid deelwoord upgrading, onvoltooid verleden deelwoord opgewaardeerd) te verbeteren, meestal toegepast op de technologie, in het algemeen door volledige vervanging van een of meer onderdelen aan een bestaand object met iets te vervangen beter.” Opgewaardeerd moet het dus worden, zowel het voltooid deelwoord van upgraden als het blazoen van de website internationale-woordenboek.com. En nee, ik heb echt geen aandelen in deze website.

Jesse Klaver is een economist

Verkiezingstijd 2017. We worden weer doodgegooid met beloftes die niet waargemaakt kunnen worden en bestookt met debatten waarin de deelnemers elkaar onderuithalen, maar niet zeggen wat ze zelf nou eigenlijk willen.

Zo ging Jesse Klaver van GroenLinks ongelooflijk tekeer tegen die arme, geplaagde Henk Krol van 65Plus. Krol is een politicus die wél zegt wat hij wil, alleen weet hij niet goed hoe hij dat moet bereiken. Met name zijn plan om de AOW-leeftijd weer terug te brengen naar 65 jaar stuitte op veel hoon en kritiek. Ook van Jesse Klaver dus, en dat viel me tegen van hem.

In zijn boekje ‘De mythe van het economisme’ veegt hij de vloer aan met mensen die maatschappelijke problemen herleiden tot een financiële kwestie. Door Henk Krol zo hard aan te pakken en vooral ook door de argumenten die hij daarbij gebruikt, schaart Klaver zich nu zelf onder de economisten. Hij gebruikt het argument, dat we van een kabinet Rutte zouden verwachten (en ook gehoord hebben), maar niet van een zelfbenoemd empathisch politicus als Jesse Klaver: het is te duur om de AOW-leeftijd terug te brengen naar 65 jaar. Wat een onzin.

Jarenlang is de AOW-leeftijd 65 jaar geweest en was iedereen daarmee tevreden. Toen heeft iemand bedacht dat er lekker bezuinigd kon worden op de overheidsuitgaven door die leeftijd op te schroeven. Was die persoon nooit op die onzalige gedachte gekomen, dan was de AOW-leeftijd nu nog steeds gewoon 65 jaar geweest en was iedereen daarmee tevreden, omdat dat nou eenmaal zo was. En die pensioengerechtigde leeftijd was niet voor niets 65 jaar. Op een gegeven moment is het voor de meeste mensen wel mooi geweest. Ze beginnen lichamelijk en geestelijk te slijten en krijgen steeds meer moeite om hun taken te verrichten. Uitzonderingen daargelaten natuurlijk, maar in grote lijnen werkt het zo.

Jesse Klaver zou dus niet zo naar de door de bonusgraaiers van de pensioenfondsen en de alles kapotbezuinigende politici er met de haren bijgesleepte financiële noodzaak moet kijken. Hij zou moeten kijken vanuit de mens, zoals hij zelf in zijn boekje bepleit. Hij moet zich afvragen waarom we nu ineens in staat zouden zijn om twee jaar langer te werken, terwijl je overal hoort hoeveel ongezonder we leven. Dan zou hij in ieder geval niet meer zo iemand zijn, waar hijzelf zegt zo’n hekel aan te hebben: een economist.

Woekerwoede om de woekerpolis

Wie mij een beetje kent weet dat ik weinig met geld heb (het woordje ‘met’ mag je in deze zin trouwens weglaten). Op het gevaar af om toch voor een op geld beluste wolf aangezien te worden wil ik het in dit blog toch over financiën hebben.

Ik ben namelijk de trotse bezitter van een woekerpolis, mij aangesmeerd door een vriendelijke ING-beambte, die waarschijnlijk nadat hij de deur achter mij dicht had gedaan in zijn broek gepiest heeft van het lachen. Maar goed. Ieder jaar krijg ik netjes een overzicht van de behaalde resultaten en de actuele waarde van mijn polis. En crisis of geen crisis, ieder jaar slaagt Nationale Nederlanden, zij hebben het woekeren overgenomen van de ING, erin mijn polis verder in waarde te laten dalen. Ik ben daar niet teleurgesteld over, maar boos. Verbijsterd eigenlijk, woekerwoedend. Laat ik proberen stap voor stap te bespreken wat er allemaal zonder blikken of blozen, zonder excuses voor het belabberde beleggen of voor de misleidende informatie op mijn bureau verschijnt. Ik zal beginnen met het principe.

Ik geef geld aan Nationale Nederlanden, die beleggen dat voor mij en rekenen daar kosten voor. Mijn winst is het resultaat van de beleggingen minus de kosten. Dacht ik.

Laten we maar meteen naar de jaaropgave gaan. Mijn saldo op 1 december 2015 was € 14.292,46. Tussen 1 december 2015 en 1 december 2016 heb ik € 952,92 ingelegd. Als Nationale Nederlanden nou helemaal niks had gedaan, dan zou ik dus op 1 december 2016 € 15.245,38 hebben gehad. Helaas, ze hebben er wel wat mee gedaan. En helaas hebben ze daar kosten voor in rekening gebracht, € 1.495,56 om precies te zijn. Gelukkig staat daar een rendement van al hun beleggingsactiviteiten tegenover van maar liefst € 258,85. Je ziet de bui al hangen, denk ik. In plaats van € 15.245,38 is mijn woekerpolis nog maar € 14.008,68 waard, weer een paar honderd euro minder dan vorig jaar, terwijl ik bijna duizend euro heb ingelegd. Het is maar geld en natuurlijk heb ik de polis aangemeld bij de woekerpolispolitie, maar toch: een keer per jaar kan ik echt boos worden, vanwege geld.

Internationale woordenboek

Ik kan het niet laten om nog even terug te komen op de website uit mijn vorige blog: internationale-woordenboek.com. Eigenlijk zou iedereen ’s morgens vroeg een paar woorden op moeten zoeken via deze site. De dag beginnen met een glimlach maakt het leven zo veel leuker. Een paar voorbeelden van woorden die ik tegenkwam:

Vulemmertje (dat is het symbooltje dat in programma’s als Word en Excel wordt gebruikt om een kleur van een vlak mee te kiezen): “Een middel van het invullen van een discrete omgeving met kleur, op basis van het kleuren van elke pixel die recursief kan worden bereikt vanuit een beginpunt.”

Karaktermoord: “(meervoud karakter moorden) (idiomatische) een kwaadaardig verbaal geweld ontworpen om de reputatie van een publiek figuur 14 2011 December beschadigen, Angelique Chrisafis, “Rachida Dati beschuldigt Franse PM van seksisme en elitarisme”, Guardian: Maandenlang Dati waarschuwde ze zou weigeren zich afzijdig te houden. Nu heeft ze verbaasde de politieke klasse met een open brief aan Fillon in Le Monde, een vernietigende karaktermoord hem te beschuldigen van het “eenzame ambitie” van een gedesillusioneerde politieke elite, van het doen van de politiek op een manier die “nooit begunstigd vrouwen” en stoppen etnische -minority kandidaten uit vordert bij verkiezingen. Ze zei dat hij werd begaan “een trieste fout” in het proberen om te draaien in Parijs.”

Van deze omschrijving werd ik persoonlijk heel erg blij:
Tekstschrijver: “(meervoud tekstdichters) Een persoon die de tekst van een lied schrijft.”

Nog ééntje dan?
Huismus: “(meervoud homebodies) Een persoon die liever thuis te blijven, in plaats van deel te nemen aan sociale evenementen elders. Hoewel mijn oom houdt van reizen, mijn tante is een huismus, dus hij komt meestal met ons, terwijl ze thuis blijft bij haar katten.”

Open dus regelmatig deze website, vul een woord in, en begin de dag met een glimlach!

Vulgariseren

Soms kom je een woord tegen waarvan je denkt: hè? Je weet wel wat het betekent, of je kunt je er in ieder geval van alles bij voorstellen, maar in de context van de zin waarin je het leest roept het toch vraagtekens op. Dat had ik laatst met het woord ‘vulgariseren’. Dankzij mijn klassieke opleiding (ja, mijnheer Sanders, ik ben u nog steeds dankbaar) weet ik wat het betekent: gemeengoed maken, in het geval van tekst dus voor iedereen begrijpbaar maken. Maar in het woordenboek staan ook de betekenissen ‘vulgair maken’ en ‘platvloers maken’. Als vulgariseren dan gebruikt wordt in de omschrijving van een opdracht om medische teksten aan te passen, dan slaat mijn fantasie op hol. Lees meer

Lorem ipsum

Als tekstschrijver krijg je soms vreemde telefoontjes. Laatst werd ik gebeld door een meneer De Boer (ik zal zijn echte naam niet gebruiken, de reden daarvoor wordt hieronder wel duidelijk).

“Tekstbureau Ton van de Laar, goedemorgen.”

“Goedemorgen, met De Boer. U bent tekstschrijver?”

“Dat klopt. Waarmee kan ik u van dienst zijn?” Lees meer

Waarom haten mensen postbezorgers?

Ik ben nu ruim een maand bezig als postbezorger. Het is een leuke bijbaan. Je bent buiten, in beweging en je krijgt er nog voor betaald ook (niet echt veel trouwens). Ideaal voor mij, omdat ik merkte dat ik meer beweging nodig had, terwijl sporten er niet meer van kwam. Nu loop en fiets ik vijf dagen per week een paar uur buiten. ’s Middags, het dagdeel dat ik als schrijver het minst productief ben. Ideaal dus. Lees meer